EFSIX 1231C3
Van de stadt design

Reis verslag  

1975 EFSIX 1014 "Eureka" in een rondje Nederland

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

      

 

 

 

 

Negentien jaar oud was ik toen ik in mei 1975 na het eindexamen met mijn splinternieuwe Efsix op reis ging. Even een kleine uitleg vooraf; Hoe komt een negentienjarige aan zo’n boot ?

 

Reeds jaren zeilde ik in een 12 vts jol  die ik in 1974 verkocht. De opbrengst van de jol samen met een gift van mijn grootvader gaf de mogelijkheid naar een andere boot uit te kijken. Na een bezoek aan de Hiswa viel  de keus op de net op de markt gekomen Efsix ,die toen 9.200,- gulden kostte.Ik kwam echter nogal wat tekort en kon dat met een lening bij mijn vader oplossen.

 

De bedoeling was in eerste instantie dat we met vier schoolgenoten een paar weken weg zouden gaan. Echter twee lieten het afweten, zodat we uiteindelijk met zijn tweeen vertrokken. Dat waren ondergetekende en een schoolvriendin, die in de loop van de reis de vriendin werd.

 

Op 27 mei 1975 vertrokken we s morgens  8 uur vanuit de Meije (Nieuwkoopse Plassen) waar de boot de vaste ligplaats had. De tocht voerde door het sluisje van Slikkendam over de Kromme Mijdrecht (erg schilderachtig). De route werd zoveel mogelijk gezeild. Zeil zetten was toen nog niet zo eenvoudig, daar de Efsix een vaste Hanenkam had; het zeil werd eerst gehesen en vervolgens met het Cunninghamlijntje strak getrokken, zodat het op het lummelbeslag bevestigd kon worden. Niet een erg handige manier dus, zeker niet als je snel wou strijken!

Om 11.15 voeren wij op de Amstel bij Ouderkerk en werd er op de wal 

getoeterd door mijn moeder die de trapezebroek kwam brengen die was nageleverd .

 

Wij vervolgden onze tocht richting Amsterdam waarna bij de Amstelsluis (vlak voor de Magere Brug) gestopt werd voor het betalen van doorvaartgeld. We kregen daarbij nog de opmerking” he je mast is gebroken!”, waarna er gevat geantwoord werd met: “Mocht je willen”, we waren in Amsterdam tenslotte. Wij voeren verder langs de Oude Schans het IJ op waar we bij de Oranjesluizen haast in het spuigedeelte terecht kwamen, omdat we geen goede kaart hadden. Daarna op het IJmeer geprobeerd naar Muiden te zeilen, echter het weer betrok en de wind nam toe, waarna koers gezet werd naar Durgerdam. Bij het aanleggen in een box met de wind achter gleed mijn bemanningslid uit en belandde te water. Gelukkig werd ze door twee sterke kerels op de steiger gehesen, want doordat de boot nog niet vastlag kon ik op dat moment weinig anders doen dan de boot met de sterke van achter komende wind van de steiger afhouden. Na zich in de accomodatie van Zeilvereniging het IJ verkleed te hebben (die nog in aanbouw was), werd de dektent opgezet en gegeten. We warmden de erwtensoep uit blik au bain marie op. Deze wou niet goed warm worden en we waren zo hongerig en moe dat we deze maar lauw opgegeten hebben (we hadden ook beide niet veel kookervaring). Diezelfde avond kreeg ik mijn eerste zoen.

 

De volgende dag vlak voor wij vertrokken, kwam er een andere Efsix de haven van Durgerdam binnenvaren. Wat heel bijzonder was als je bedenkt dat er toen maar enkele Efsixen in omloop waren. We bleken dezelfde problemen met de boot te hebben en hebben wel wat aan elkaars adviezen gehad. We zetten die dag koers naar Huizen waar we ook overnachten. Vervolgens via Nijkerk naar Harderwijk, waar we een tweede zeillat verloren (deze bleken te kort te zijn afgeleverd zodat ze uit het zeil klapperden (en eer je het zeil met de vaste hanenkam naar beneden had ,was je ze al kwijt!).

 

In Harderwijk een dag verwaaid gelegen want het stormde. We hadden ook nog behoorlijke nachtvorst, want toen we ‘s morgens opstonden waren de dektent en de vallen stijf bevroren! En dat eind mei! Op 1 juni van Harderwijk naar Roggebotsluis. Veel van de accomodaties van de havens onderweg waren nog in aanbouw zodat het soms behoorlijk afzien was. In Roggebotsluis nog een dag blijven liggen i.v.m harde wind en regen. Ik had inmiddels keelpijn en ook de volgende dag was nat en koud maar gelukkig met minder wind.

 

Het Zwarte meer werd overgestoken en we liepen diverse keren behoorlijk vast, zodat de kiel omhoog moest. Uiteindelijk het Ganzendiep op. Het was inmiddels al erg laat geworden en langzaam werd het donker. Bij invallende duisternis kwamen we bij  jachtwerf Kadoelen aan. De volgende dag naar Vollenhove, waar we het oudere zusje van de vriendin oppikten en koers zetten naar Blokzijl waar we overnachten. Het weer knapte inmiddels behoorlijk op en het werd zomers. Er volgde een prachtige tocht over de wetering van Kalenberg en vervolgens via Ossenzijl naar Heerenveen, waar we de fabriek zouden bezoeken (Foacon waar de Efsix toen gebouwd werd).

 

De volgende dag naar Terherne (overnachting) en vervolgens naar Grouw waar het zusje naar huis ging, zodat we weer samen waren. Bij Wester het staaldraadje van de kiel laten vervangen, wat erin resulteerde dat de kiel helemaal niet meer functioneerde (We lagen toen alweer klaar voor vertrek in het water met de mast er alweer op). Ten tweede maal eruit getakeld wat uiteindelijk resultaat gaf intussen waren we koud en moe en was het ook erg laat geworden. Van Grouw uit zeilden we de volgende dag via Sneek naar Heeg. De volgende dag via Woudsend naar Sloten waar we erg van genoten (niet wetende dat ik daar later zou gaan werken).

We maakten de dag daarop de tocht door Balk via de Luts naar Staveren en voeren dus langs de plek waar ik zoveel jaren later zou gaan wonen. Na nog twee dagen zeilen werd Staveren bereikt waar we de boot in een jachthaven achter-lieten, omdat de gezamenlijke vakantie teneinde was. Beiden in tranen omdat ons vrije leventje voorlopig ten einde was.

 

Twee weken later zeilde ik de Efsix met mijn jongere broer van Staveren in een dag terug naar Nieuwkoop rechtstreeks van Staveren onder spinnaker naar Amsterdam! De dijk Enkhuizen Lelystad was toen nog niet klaar en je kon dus nog dwars over. Helaas voor de brug in Woerdense Verlaat stranden we 4 km van ons einddoel. We waren 5 minuten te laat voor de brugopening. De brugwachtster weigerde nog na die tijd te draaien, ook al was de sluis er vlak achter nog wel 3 kwartier open. De volgende dag zijn we verder naar de ligplaats gevaren. Dit was de eerste tocht met de Efsix, die later Eureka genoemd werd: We hadden het gevonden: het zeilen maar ook elkaar! Een zeiltocht onder soms barre omstandigheden is een ultieme test voor een relatie!

 

De jaren erop verlegden we onze grenzen steeds verder. Alle IJsselmeerhavens werden aangedaan en ook Terschelling en Vlieland. Ik bleef de Efsix trouw ook al hield de relatie met de vriendin na vijf jaar geen stand. En maakte daarna nog vele tochten.

De Efsix is nog steeds in mijn bezit, hoewel ik hem dit jaar (2006) ontrouw wordt ;ik heb een andere boot besteld een Pegaz 31, een zeiljacht met variabele diepgang en strijkbare mast. De Efsix houd ik ernaast om nog eens lekker te spinnakeren of trapeze te hangen.

 

 

efsix 1014